Preek zondag 4 oktober 2015


Jeruzalem: bergen rondom haar,

We kennen de foto’s uit de krant en de onthutsende televisiebeelden. Honderden vluchtelingen/migranten op weg, achter hekken, in opvangcentra. Handen die zich uitstrekken om hulp. Wanhoop in de ogen.

En als ze dan aankomen in Duitsland: blije gezichten. Het beloofde land (??) is bereikt.

 

Ook in de bijbel lezen we over mensen die op reis zijn. Over pelgrims. Wij, christenen op aarde, worden ook als pelgrims betiteld. Zo moeten wij meer verlangen naar de hemel dan naar de aangename dingen van dit leven. De bijbel noemt ons (Lev. 25, 23b) zwervers en bijwoners. We zijn leden van Gods huisgezin, en daarom vreemdelingen op aarde.

 

Vandaag de dag hebben wij in de westerse wereld heel veel welvaart en voorspoed waar onze vaders en grootvaders niet van konden dromen. Dat maakt trouwens wel dat we makkelijk vergeten dat we zwervers en bijwoners zijn. Als wij in de problemen geraken, waar vragen wij dan hulp? We lezen psalm 121, een pelgrimslied (‘zang van de opgangen’):

 

1 Ik hef mijn ogen op naar de bergen: vanwaar zal komen mijn hulp?

2 Mijn hulp is van bij de Ene, de Maker van hemel en aarde.

3 Niet geve hij je voet prijs aan wankeling, niet sluimeren zal hij die over je waakt.

4 Zie, nooit sluimert, nooit slaapt hij die over Israël waakt.

5 Het is de Ene die over je waakt, de Ene is je schaduw aan je rechterhand.

6 Overdag zal de zon je niet steken, noch de maan in de nacht.

7 De Ene zal over je waken voor alle kwaad, hij zal waken over je ziel.

8 De Ene waakt over je gaan en je komen, van nu af en tot in eeuwigheid.

 

Onze hulp komt van God die hemel en aarde schiep. God die uitstijgt boven alles en iedereen en van alles en iedereen onafhankelijk is. God die het heelal maakte opdat (psalm 19, 2) de hemelen verhalen de glorie van God, en het gewelf meldt wat zijn handen maken: God die alles wat Hij maakte ook verzorgt en onderhoudt. Hij deed dat om Zijn grootheid openbaar te laten zien!

 

Natuurlijk hebben wij zorgen vandaag de dag. De wereldgebeurtenissen overspoelen ons. En er zijn nauwelijks nog machthebbers die een oplossing in petto hebben. Maar God is en blijft de onderhouder. En Hij is betrokken! Hij slaapt niet. Wordt niet moe. Raakt niet ongeïnteresseerd Hij waakt over Israel en waakt beslist ook over ons. Als de ontwikkelingen ons te veel worden draaien we ons hoofd af. We kunnen het niet meer bevatten allemaal. Maar zo gaat het niet bij God. Hem loopt niets uit de hand. Hij ziet alles wat er geschiedt.

 

Maar de God die uitstijgt boven alles en iedereen en volkomen onafhankelijk is, staat toch niet op een onmetelijke afstand van ons. Juist niet. God koos ervoor om in een directe relatie te staan met zijn schepping. God is voortdurend en ononderbroken aanwezig in zijn schepping.

En het grootste wonder dat God ooit heeft gedaan is wel dat Hij als mens werd geboren uit een vrouw!. Dichterbij kon Hij niet komen. Elk menselijk begrip schiet daarbij tekort. Jezus die kwam om voor ons de straf te dragen. 2 Kor. 5, 21: Hem die geen zonde heeft gekend heeft hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden: Gods gerechtigheid,- in eenheid met hem.

 

Psalm 121 steekt ons een geweldige hart onder de riem! De oneindig grote God die boven alles staat en volmaakt onafhankelijk is woont in ons hart. Persoonlijk. En Hij zal ons bewaren voor alle kwaad. Zal onze ziel bewaren. Charles H. Spurgeon schreef daarover: onze ziel wordt weggehouden van de heerschappij van de zonde, van de besmetting van de dwaling, de verbrijzeling door de moedeloosheid en de opgeblazenheid van de trots. Onze ziel wordt bewaard voor heiliger en grotere dingen: bewaard in de liefde van God. Wie kan een ziel kwaad doen, als God die beschermt?

 

Het gevaar dat wij vandaag de dag lopen is niet in de eerste plaats fysiek. Het is de zonde – de duivel – die ons probeert te vernietigen.

 

Maar God de Almachtige is het die over ons waakt. Van nu af en tot in eeuwigheid.

en zo de Ene rondom zijn gemeente,