Preek zondag 6 juni 2010


Our pleasure and our duty,

though opposite before,

since we have seen His beauty

are joined to part no more.

Plicht en plezier, zij lagen

uiteen in onmin, maar

sinds wij Zijn schoonheid zagen

hervonden zij elkaar.


In Lukas 15 krijgen de Farizeeën een lesje. Ze waren zeer overtuigd van hun eigen uitnemendheid. En keken met verachtende hoogmoed neer op degenen die een minder volmaakt leven leidden. Voor iemand als de jongste zoon hadden ze geen goed woord over.

Een losgeslagen, non-conformistische losbol was hij, en volkomen vervreemd van God. Tussen hem en zijn vader stond de zonde. Maar de jongste zoon wist dat. Hij keerde zich om van zijn liederlijk gedrag. En werd met feest welkom geheten. Onverteerbaar voor een rechtgeaard Farizeeër.

De oudste zoon was juist heel gehoorzaam en volgzaam. En voldeed – in elk geval in zijn waarneembaar gedrag – aan al normen en verwachtingen die golden. Niks aan de hand vonden de Farizeeërs. Maar ze zagen niet wat er tussen deze zoon en de vader stond. Dat waren inderdaad niet zijn zonden. Maar juist zijn goede daden! De oudste zoon denkt dat het middel tegen “slecht zijn” juist “goed zijn” is. Jezus maakt de Farizeeën duidelijk hoezeer ze zich vergissen. Oudste zonen weten juist niet wat er mis is!

Een Engelse krant vroeg ooit haar lezers om eens te reageren op de vraag “wat is er mis met de wereld.” G.K. Chesterton schreef toen kort en krachtig de volgende brief:

Geachte redactie, Ik. Hoogachtend, G.K. Chesterton.

De oudste zoon wist natuurlijk heel goed dat zijn broer er vandoor was. Maar stak geen poot naar hem uit. Ging ‘m zeker niet opzoeken. “Ben ik mijn broeders hoeder?” Hij was ‘m liever kwijt dan rijk. En als die jongste zoon dat weerkeert, blijkt hij een farizeeër als broer te hebben.

Hoe zit dat met ons? De Heer Jezus nam de echte rol van zoekende oudste broer wel op zich. En betaalde de prijs voor onze redding. Vergeving gaat altijd ten koste van degene die vergeet. Jezus toonde een volmaakte en onbaatzuchtige liefde. Een liefde die ons helemaal moet en zal vervullen. Een liefde die hem het leven kostte.
Weerspiegelen wij iets van die liefde?

Hai is een riksjarijder. Straatarm. Hij is verliefd op Lan, een mooie prostituee. Maar haar zal hij nooit krijgen: zij is te duur voor hem. Zij wil graag wonen in de dure hotels, waar ze wel werkt maar nooit overnacht.

Op een dag wint Hai een riksja wedstrijd en strijkt een mooie som gelds op. Met dat geld neemt hij Lan mee naar een luxe hotel. Als zij zich voor hem begint uit te kleden maakt hij duidelijk dat ’t hem niet om seks gaat. Maar dat hij van haar houdt en “alleen maar wil zien hoe ze inslaapt”. De liefde van Hai verandert Lan. Zij geeft haar bestaan als prostituee op.

(Uit de film Three Seasons.)

Jezus, die alle macht in hemel en op aarde had, deed afstand van ie macdht en werd een slaaf (Fil. 2). Hij betaalde – met zijn leven – de schuld voor onze zonden. En verwierf zo voor ons de enige plek waar ons hart werkelijk kan rusten. In het huis van zijn Vader.

We kunnen ons helemaal aan hem overgeven. Alles wat we zochten, vonden we bij Hem. Onze angst eindigt bij het zien van Zijn schoonheid. Zijn liefde moet ons helemaal vervullen. Van binnenuit worden we getransformeerd door Zijn liefde. Zoals Lan compleet veranderde door de echte liefde van Hai.

Wij moeten geen oudste of jongste zonen blijven. Maar de Vader leren liefhebben en in hem rusten. We moeten de neurotische dwang van óf plicht óf plezier loslaten. En ons aan Hem overgeven.

Wat dan volgt is een eindeloos feestmaal.


To see the Law by Christ fulfilled

and hear his pardoning voice,

changes a slave into a child

and duty into choice.

De wet door hem volbracht te zien

vrijspraak te mogen horen

maakt dat ik Hem als kind nu dien

ik, ooit als slaaf geboren.