Preek 21-3-2010


God is getrouw, zijn plannen falen niet,

Het is wel duidelijk dat God met de wereldgeschiedenis bezig is. In de bijbel noemt God een aantal vooraankondigingen van zijn terugkomst. In beeldende taal worden die aankondigingen weeën genoemd. En hoe sneller ze elkaar opvolgen, hoe meer Gods ingrijpen in de wereldgeschiedenis dichterbij komt. De opeenvolgende zware aardbevingen – Haïti, Chili, Turkije – zouden ons beslist te denken moeten geven.

Denkt u eens terug aan de tijd van Daniël. Nebukadnezar had een droom gehad die hem weer ontschoten was. Hij eiste van zijn waarzeggers en droomduiders zowel het verhaal als de uitleg ervan.

God echter had andere plannen. Hij laat Daniël de droom weten, en de uitleg ervan (Daniël 2). God toont Daniël de komende grote wereldrijken.

Van die droom zien wij vandaag de dag de beginnende vervulling. Het Romeinse rijk, dat was (tot 476 na Christus, toen het ophield te bestaan), een tijd niet was en weer hersteld zal worden. En van dat herstel zien we de voortekenen met de ondertekening van het verdrag van Rome (!) in 1957. Alle politieke ontwikkelingen van vandaag wijzen op een wederopstanding van dat oude Romeinse rijk.

Als dat rijk weer gestalte krijgt zal er een unieke eenmalige gebeurtenis optreden: miljoenen mensen zullen van het ene moment op het andere van de aardbodem verdwenen zijn. De gemeente van Christus wordt opgenomen in de hemel.

Ingefluisterd door Satan zal de antichrist dan grootse politieke dingen doen. Hij sluit vrede in het Midden Oosten. Hij zal een wereldreligie instellen.

Voor ons is dit een aansporing en een waarschuwing. Laten we wachten op de Heer. En dat niet door in een hoekje te gaan zitten afwachten hoe een en ander zich zal voltrekken.

Het is God die de regie over de wereldgeschiedenis voert. Ezra 1: 1 beschrijft dat mooi:

In het eerste jaar van Koresj als koning van Perzië heeft de Ene, om het woord van de Ene
vanuit de mond van Jeremia te voltrekken,
– de geest van Perziës koning Koresj opgewekt,
en heeft hij een roepstem heel zijn koninkrijk laten doorkruisen en ook in geschrifte gezegd:

Het is God zelf die organiseert dat de profetie van Jeremia uitkomt. En als Daniël later die profetie leest (Daniël 9), leest hij dat niet als loutere kennisgeving. Tegenovergesteld juist: Het lezen van Gods profetie brengt Daniël tot actief bidden. God vraagt zo ook onze inzet. Legt ons een gebedslast op. God wil graag dat we zijn bestuur beantwoorden. Hem de respons geven die Hij zo graag hoort. Dat wij zijn medearbeiders worden. Ons inzetten voor Gods “business.”

Haggaï 1 illustreert dat prachtig. God richt zich rechtstreeks tot zijn volk, en vraagt hen waar ze mee bezig zijn, welke weg ze zijn ingeslagen( 1:7):

Zó heeft gezegd de Ene, de Omschaarde: richt uw hart op uw wegen;….

Het volk wordt wakker: (:12): Dan hoort Zeroebavel, zoon van Sjealtiël, en ook Jozua, zoon van Jehotsadak de hogepriester, en heel de rest van de gemeente naar de stem van de Ene, hun God,….En zegt God hen als Zijn respons zijn nabijheid toe (:13): ik ben bij u, is de tijding van de Ene!

En als antwoord op Gods stem begint Israël vervolgens met de bouw van de tempel (:14): en zij komen en doen het geboodschapte werk aan het huis van de Ene, de Omschaarde, hun God,…

Ze gingen aan het werk, als antwoord op Gods oproep. Ze toonden hun betrokkenheid bij Gods plan.

En dat is wat God ook van ons graag wil zien. Betrokkenheid bij Zijn werk. Bidden en werken in het kader van zijn plannen. En niet met de armen over elkaar afwachten.

Hij kiest de zijnen uit, Hij roept die allen.


________________________________________________________________________

God is getrouw, zijn plannen falen niet,

Hij kiest de zijnen uit, Hij roept die allen.

Die ’t heden kent, de toekomst overziet,

laat van zijn woorden geen ter aarde vallen;

en ’t werk der eeuwen, dat zijn Geest omspant,

volvoert zijn hand.

De Heer regeert! Zijn koninkrijk staat vast,

zijn heerschappij omvat de loop der tijden;

een sterke hand, die nooit heeft misgetast,

blijft met het heilig zwaard des Geestes strijden;

de adem zijner lippen overmant

de tegenstand.

De Heil’ge Geest, die haar de toekomst spelt,

doet aan Gods kerk zijn heilgeheimen weten;

Hij, die haar leidt en in de waarheid stelt,

heeft zijn bestek met wijsheid uitgemeten;

Hij trekt met heel zijn kerk van land tot land

als Gods gezant.

LvdK 304; Opwekking 248; JdH 513

Tekst: Hendrik Pierson; melodie Christian Gregor