Preek zondag 18 december 211


0 false 21 18 pt 18 pt 0 0 false false false

Maar wij weten: Als Gods Zoon

is verschenen op zijn troon,

 

Vandaag de dag ontwikkelt de wetenschap zich aan beide uiteinden van haar spectrum heel sterk. De grenzen van het heelal worden verkend. Is die grens er eigenlijk wel, vraagt de wetenschap zich af? En wat was er aan energie voordat er iets was? Wij mensen hebben een beperkt voorstellingsvermogen om de eindeloze grootheid van de kosmos te vatten.

Maar ook aan de andere kant wordt ons voorstellingsvermogen danig op de proef gesteld. Er wordt gerekend met en gespeculeerd over steeds kleinere deeltjes die alleen nog als rekenmodel bestaan. En ook het meten van de tijdsduur geschiedt al in nanoseconden: een miljoenste deel van een seconde. Ook aan deze kant van de wetenschap is ons voorstellingsvermogen te beperkt om er ons nog een voorstelling van te kunnen maken.

 

In de bijbel komt ook een aanduiding voor van het kortst mogelijke moment in de geschiedenis. Het staat in 1 Kor. 15: 51 -52:

Zie, wat ik zeg is een verborgenheid: wij zullen niet allen ontslapen maar wel allen veranderd worden, in ‘een punt des tijd’, in een oogwenk, bij de laatste bazuin; de bazuin zal immers schallen en de doden zullen worden opgewekt tot onvergankelijkheid en wij, wij zullen worden veranderd.

In die ‘punt in de tijd’ gebeurt er wereldwijd iets. Jezus komt terug. Op een moment dat God bepaalt komt Jezus zijn volgelingen halen. Zij laten letterlijk alles achter en gaan Jezus tegemoet in de lucht.

Degenen die al zijn overleden worden eerst opgewekt uit hun graf. 1 Thess. 4: 15 – 17 zegt het zo:

Want dat zeggen wij u met een woord van de Heer, dat wij, de levenden die achterblijven tot de komst van de Heer, in geen geval de ontslapenen zullen voorgaan, omdat de Heer zelf op een bevel, bij de stem van een aartsengel en een bazuin van God, zal neerdalen van de hemel; en de doden in Christus zullen éérst opstaan; daarna zullen wij, de levenden die achterblijven, tegelijk met hen in wolken worden weggevoerd de Heer tegemoet de lucht in; en zó zullen wij altijd samen met de Heer zijn.

Durven wij ons voor te stellen dat dat tussen nu en vijf minuten zal gebeuren? Bent u er nu klaar voor? Gelooft u dat u dan meegaat? Hebt u daarvoor gekozen?

Of denken we aan dat wat we achterlaten. Zijn we zo gehecht aan ons bestaan hier dat wat ons betreft Christus nog wel even mag wachten? Zoals Okke Jager treffend dichtte:

“Kom haastig, Jezus!” bidt de predikant.
“

Ja, amen,” zegt de boer, wil spoedig komen!

Maar na de oogst, want van m’n nieuw stuk land

Heb ik nog nooit de opbrengst waargenomen !.

“Ja, amen,” zegt Mevrouw, maar mag ik voor

De bontjas die ik gisteren zag hangen

Eerst sparen en hem aandoen, als het koor

Een avond geeft in Christelijke belangen?

“Ja, amen,” zegt het kind, maar nu nog niet,

Ik moet nog met vakantie naar de bossen,

Maar ik zal zwaaien, zodat u het ziet,

Als u ons onder schooltijd komt verlossen”.


“Kom haastig, Jezus!”Bidt de predikant.

Maar mag ik eerst die nieuwe lezing lezen

Die ik gemaakt heb voor het Jeugdverbond

Over “Gij zult het wel verstaan na dezen?”

De beden komen in de hemel aan.

De cherubijnen zwijgen, die ze brachten.

En  Jezus vraagt: “Kan ik vandaag al gaan?”

Zijn Vader zucht: “Ge moet nog even wachten”.



 

Laten we – bij alles wat kostbaar en dierbaar is – ons steeds te binnen brengen dat er niets is wat in de schaduw van Christus kan staan. De helft is ons niet aangezegd!

zullen wij de zijnen blijken,

Hem aanschouwen, Hem gelijken.