Preek zondag 15 december 2019

Ze loofden God

en stonden in de gunst bij het  gehele volk.

Entree

Het hele doel dat God heeft met ons christenen is dat we stapje voor stapje veranderen naar het beeld dat God van ons vóór zich heeft. God kende ons al van tevoren, en bestemde ons ook al van tevoren om gelijk te zijn aan het beeld van zijn zoon

Als God naar ons kijkt, ziet hij ons zoals wij bedoeld zijn door hem. God ziet dan namelijk zijn zoon, en die zoon was voorgestemd om de eerstgeborene te zijn onder vele broeders-en-zusters.  God kijkt naar elk mens via het lam. Het lam van God dat de zonde van de wereld wegdraagt. Gods werk is volmaakt. En Gods werk is volbracht.  

Handelingen 2: 43 – 47 

  • door de apostelen geschieden vele wonderen en tekenen. Vandaag de dag zie je steeds meer dat mensen zoeken naar de diepere waarden van het leven. “Het kan toch niet zo zijn dat alles samengevat kan worden in termen van economie en welvaart “lees je dan. Tekenen en wonderen worden door God ingezet voor zijn doel met ons. En dat doel is dat we bij hem uitkomen, bij de bron zelf. “Heer, als ik u maar heb, dan verlang ik niets anders meer op aarde of in de hemel (BuxWV39[1]).

  • Maar er geschiedt vreze over alle ziel; Als God aan het werk is in de eerst dagen van de gemeente, dan is iedereen daar zwaar van onder de indruk. Er is groot ontzag voor God en zijn openbaring.

  • Maar allen die zijn gaan geloven op die plek hebben alles gemeenschappelijk gehad: De christenen verkochten hun bezittingen en verdeelden de verkoopopbrengst onder iedereen, naargelang iemand nodig had. Alles was van iedereen, want alles was van God!

    Het christendom pretendeert de waarheid te verkondigen. En nogal eens in de geschiedenis van het christendom leidde dat tot hevige onderlinge discussies. Mijn waarheid of jouw waarheid. Maar de waarheid is niet de leer. De waarheid is Christus. Is een Persoon. Is God zelf. We zijn dan ook niet toegewijd aan de leer. Maar aan God. En God roept ons op tot vreugde. Tot eensgezindheid. Tot trouw.  

  • En de Heer heeft er van dag tot dag toegevoegd die werden gered, het was de levensstijl van de christenen die anderen tot bekering leidde. Kennelijk bestond er een goede relatie tussen de christenen en hun directe omgeving. En vooral ook was er een goede relatie tussen de christenen onderling!

  • God lofprijzend en genade hebbend. Het is een genade die vreugde en plezier geeft. Een genade die dankbaarheid teweeg brengt. Die ons helemaal vervult.  “Verkrijg ik dat ene, dat alles vervangt, dan vind ik geluk waar mijn hart naar verlangt.[2]”  
    Die eindeloze genade kunnen we hebben in ons leven. Die gunst van God kunnen we ons vandaag toe-eigenen. Op die basis kunnen geven, zonder iets terug te ontvangen. Kunnen we geven, waarbij het enige motief om te geven ligt in de overvloed en de welwillendheid van de gever! 
    God is ons volmaakte voorbeeld. God geeft – en vergeeft – altijd en zonder maat. Er is niets te groot of te gruwelijk zodat God het niet zou kunnen vergeven. 

  • Zij stonden in de gunst bij het gehele volk.  //. Zij staan in de gunst bij het gehele volk
    De meeste bijbelvertalingen hanteren hier de verleden tijd (stonden). Maar waarom zouden we die tekst niet als perspectief voor de huidige tijd nemen? En ‘m dus lezen in de tegenwoordige tijd? De tekst van tweeduizend jaar geleden geldt ook nu! En dan ook nog eens niet alleen op zondag, maar ook op maandag, dinsdag,….God wil elk uur, elk ogenblik in ons aanwezig zijn en ons zijn vreugde, zijn geloof, zijn ontzag, zijn eenvoud, zijn liefde geven. Om te delen met hem. Maar evenzeer om te delen met de wereld om ons heen!  

De oefening van het christen zijn gaat om onze werkelijke overgave aan God. “Dan laat ik hetgeen overbodig is gaan, neem Jezus als Enige nodige aan.[3]” Overgave, en dus zonder van onze kant nog zekerheden te willen inbouwen. Zonder nog wat stiekeme reserves achter de hand te hebben, als een soort van borgstelling……


2 Petrus 1, 3 – 7

  • zoals alles ……………….. ons geschonken is. God heeft ons alles gegeven wat nodig is voor ons leven en voor de godsvrucht. Onze eventuele stiekeme reserves baten ons dus niet. Overbodige ballast is het. Het is nog meer dan ballast: ons zijn de grootste en kostbaarste beloften geschonken, opdat wij daardoor deelachtig worden aan de goddelijke natuur, sinds we het bederf dat door de begeerte in de wereld is ontvlucht zijn. De extra zekerheden die we stiekem meesmokkelen in ons rugzakje vormen juist een belemmering voor de overgave aan God.

  • En juist daarom moet ge alle inzet inbrengen en aan uw geloof de deugd toevoegen, aan de deugd de Godskennis, aan de Godskennis de zelfbeheersing, aan de zelfbeheersing de volharding, aan de volharding de vroomheid, aan de vroomheid de broeder-en-zusterliefde, aan de broeder-en-zusterliefde de liefde.

    Een hele opsomming, die tot een climax voert. Al je krachten moet je inspannen zegt Petrus, om uiteindelijk uit te komen bij de werkelijke liefde voor iedereen. 

Johannes 13, 34

  • een nieuw gebod geef ik u: dat ge elkaar liefhebt!- zoals ik u heb liefgehad, dat gij ook elkaar liefhebt; Als we werkelijk leven vanuit de liefde, voor God en voor de mensen om ons heen, vergroot dat de impact van onze christelijke boodschap geweldig. Dan worden wij beïnvloeders, in plaats van dat wij door onze omgeving beïnvloed worden. 

De Heer Jezus wil ons verrijken. Wil ons passioneren. Hijzelf liet alles achter, uit liefde, om de wereld te redden. En die passie wij hij op ons overdragen. Laten wij ons dan ook zo laten gebruiken. Ons zo door God laten regeren en leiden. Zodat we anderen tot jaloersheid verwekken. 

Heer, maak mij een instrument van Uw vrede;
waar haat is, laat me liefde tonen;
als er krenking is, vergiffenis;
waar twijfel is, geloof;
waar wanhoop is, hoop;
waar duisternis is, licht;
en waar verdriet is, vreugde.

O God,
maak dat ik niet zozeer getroost wil worden, maar troost;
begrepen wil worden, maar begrijp;
bemind wil worden, maar liefheb;
want het is door te geven dat we ontvangen,
het is door te vergeten dat we vinden,
door te sterven dat we eeuwig leven verwerven[4].

Ze loven God

en staan in de gunst bij het gehele volk. 

Hand. 2, 47 


  • Herr, wenn ich nur dich habe,  so frage ich nichts nach Himmel und Erden, BuxWV39 (Dietrich Buxtehude)
  • Eins ist noth, ach Herr, dies’ Eine, BWV 304 (Johann Sebastian Bach), vertaling Ra Borkent
  • [3] Eins ist noth, ach Herr, dies’ Eine, BWV 304 (Johann Sebastian Bach), vertaling Ra Borkent 
  • [4] Toegedicht aan Franciscus van Assisi; de oudste bekende tekst gaat niet verder terug dan 1912.