Preek zondag 31 juli 2011


 

Niet gij hebt mij uitgekozen,

 

Een verbond is geen contract, maar een levende relatie. In een verbond zit zowel iets van wet als iets van liefde opgesloten. Het Hebreeuwse woord berit wordt in het Oude Testament gebruikt voor verbond en het beschrijft een legale relatie tussen twee partijen, gebaseerd op een plechtige belofte. Een verbond is daarbij ook weer veel duurzamer dan een relatie die op louter gevoel is gebaseerd.

In de bijbel gaat God altijd relaties aan met mensen in de vorm van een verbond. En zo een verbond is complex. Sommige mensen maken van God een karikatuur: Hij is de wetgever, de straffer van zondaars. Anderen zeggen dat ze alleen geloven in een God van liefde. Een God die iedereen accepteert. Maar de God van het verbond is per definitie een God die zowel een heilig God is als een God van liefde. God laat zich niet vangen in valse tegenstellingen!

Als je de bijbel leest sta je soms voor een raadsel. Aan de ene kant kom je teksten tegen die uitleggen dat je God moet gehoorzamen, want anders zul je vervloekt worden. God wil wel een verbond aangaan, maar dat verbond is voorwaardelijk. Dat verbond is afhankelijk van mijn gehoorzaamheid. Maar ook lees je andere teksten waarin God zegt dat Hij ons nooit alleen zal laten. Dat Hij het verbond met ons nooit zal verbreken.

Hoe zit dat nu? Is Gods gebod absoluut, en dan zijn liefde relatief? In zijn boek ‘Knielen op een bed violen’ beschrijft Jan Siebelink liefdevol mensen die zo denken. Of is het andersom, en is Gods liefde absoluut en zijn gebod relatief? Er zijn mensen die makkelijk omgaan met hun geweten. ‘Natuurlijk moeten we God gehoorzamen, maar uiteindelijk zal Hij ons toch wel accepteren.

In Jeremia 31 : 31 – 34 staat een prachtig stukje over het verbond. Een nieuw verbond. Anders dan het vorige. Dat vorige stamde van de berg Sinaï. En Israel had het niet gehouden. Vers 33: nee, dít is het verbond dat ik met het huis Israël zal smeden na die dagen, is de tijding van de Ene: ik zal mijn Wet geven in hun binnenste en in hun hart schrijven;

God wil niet dat we Hem uit angst voor vergelding dienen. Dat willen alleen dictators. God wild at we hem dienen uit liefde voor zijn overgave aan het kruis. Het nieuwe verbond ontstaat door geloof in Jezus Christus. God geeft zichzelf aan ons, door in ons te gaan wonen. Hij gaat met ons de meest intieme relatie aan, zoals de bruid dat zegt in het Hooglied (1: 11), als ze alle zelfzucht achter zich laat: ik ben van mijn liefste en naar mij gaat uit zijn verlangen!-. God cijfert zich weg en gaat in het verbond met ons een onverbrekelijke liefdesrelatie aan. Hij kiest ons uit.

In de instelling van het avondmaal lezen we dat ontroerend. Lucas 22: 20: deze drinkbeker is

het nieuwe verbond door mijn bloed, dat voor u vergoten wordt; De discipelen zullen hun oren niet geloofd hebben. Hier ging het plotseling niet meer om het herdenken van de uittocht uit Egypte en om de tien geboden. Maar om de vervulling van de profetie van Jeremia! God die zelf bij je komt wonen. Maar dat ging niet gemakkelijk. Galaten 3: 13: Christus heeft ons vrijgekocht uit de vloek der Wet

door voor ons een vloek te worden,- omdat geschreven staat: ‘vervloekt is al wie hangt aan

een stuk hout’ (Deut. 21,23),- Jezus gehoorzaamde de wet absoluut, en verdiende zo de zegen. Hij kreeg de vloek die wij verdienden. De wet was zo belangrijk voor God, dat zijn Zoon moest sterven. In die nacht voldeed Christus volkomen aan de Wet en het oude verbond, en schiep hij tevens een nieuw verbond: niet langer hoeven ze dan ieder zijn naaste en ieder zijn broeder te leren en zeggen: ge moet de Ene kennen!, want allen zullen zij hem al kennen.

Als we dat tot ons laten doordringen willen we hem wel dienen. Niet uit angst voor vergelding, maar uit liefde voor zijn sterven. En de relativist zal zijn relativisme ter discussie stellen. God is te heilig om met zijn liefde te sjoemelen onder het motto “ ach, dat komt wel goed.’ En de wetticist zal zijn leven onder de zware druk overwegen: wil God dat echt? Zo’n vreugdeloos christenbestaan? Maar ook worden wij loyaler naar elkaar. In het verbond is de relatie met God en de ander belangrijker dan mijn individuele consumentenbehoefte. Ook al wegen de kosten niet op tegen wat ik er uithaal: ik blijf de kerkdienst bezoeken. Dat is het verbond. Een levende relatie, waarin van ons betrokkenheid wordt gevraagd.

nee, ík heb ú uitgekozen