Preek zondag 21 april 2019


Grace, she takes the blame, covers the shame, removes the stain..

 

Pasen: een hemels feest voor sterfelijke mensen! In dat feest opgesloten zit iets wat voor christenen  tot een nieuwe natuur, tot een christelijk DNA moet worden. We lezen twee passages uit de Bijbel: Psalm 16 en Romeinen 6: 14

 

Psalm 16

David vertelt in het eerste deel (: 1 – 8) van de psalm wat hij over God heeft keren kennen en hoe die kennis hem troost, juist ook als er tegenslag en tegenstand in zijn dagelijkse omstandigheden opdoemen. In de laatste drie verzen getuigt hij van zijn vertrouwen in de toekomst met en bij zijn God.

 

In deze psalm treffen we passages aan die – profetisch –  rechtstreeks slaan op de Heer Jezus. In vers 10 is dat onmiskenbaar: Want gij laat mijn ziel niet over aan de hel, geeft geen verderf te zien aan uw vriend! God die Zijn Zoon het pad ten leven laat zien. Een Paas-beeld avant la lettre. En het is de Heer Jezus die met Pasen onshet pad ten leven laat zien. Met Pasen ontvangen wij een hemelse overvloed aan blijdschap. Overstelpende genade wordt ons deel. Vers 11: Ge maakt mij bekend het pad des levens, verzadiging met vreugden bij uw aanschijn, lieflijkheden in uw rechterhand altijd!

 

Het zijn dielieflijkheden die we in ons christelijk DNA zouden moeten insluiten. Die ons leven, ons gedrag, ons denken te allen tijde zouden moeten kleuren en waarvan onze hele persoonlijkheid doortrokken zou moeten zijn. Dat is onze christelijke plicht, onze redelijke eredienst (Rom. 12: 1).

 

Romeinen 6: 14

zonde zal geen heer over u zijn; want ge staat niet onder een wet maar onder genade.

Het is opmerkelijk dat in deze tekst de Bijbelse begrippen ‘wet’en ‘zonde’zo sterk in één adem worden genoemd. We moeten ‘dood zijn voor de zonde, maar levend voor God in Christus Jezus.

 

De Wet stelt regeltjes. En het houden van al die regeltjes en regels – als dat al mogelijk was – gaat je niet helpen, zegt Paulus. Christus is gestorven, en Hij heeft aan zijn kruis alle regeltjes van de Wet compleet vervuld. Voor ééns en voor altijd. En voor iedereen die gelooft. Als je als christen dan nog een ‘eigen gerechtigheid’wil verwerven door de Wet te onderhouden, heb je niet begrepen wat Christus’ offer inhoudt.

 

Christenen resideren niet langer onder de Wet. Christenen wonen op het terrein van de genade.

De kortste en heel pregnante definitie van genade is “onverdiende gunst.” In nadere omschrijvingen die Gods genade verder omschrijven treffen we aspecten aan als:

  • God die tot zich neemt die zich tot hem wendt, en hem/haar prikkelt tot het uitoefenen van christelijke deugden
  • De geestelijke toestand van iemand die door de Goddelijke goedheid wordt aangeraakt.

 

Daarom is Pasen een hoog, een groot feest. Daarom moeten we ons niet laten knechten door de Wet van weleer. Een christen leeft van genade alleen (sola gratia). Of hij/zij leeft niet.

 

 

What once was hurt, what once was friction, what left a mark,
no longer stings.
Because grace makes beauty out of ugly things

U2; Album: All That You Can’t Leave Behind