Preek zondag 6 maart 2011


 

want naar dat alles zoeken de volkeren,

 

Hoe druk kan een mens zijn! Met z’n carrière. Of met de pensioenonzekerheid. Of met de vakantiebestemming. Met de keuze van de volgende lease auto. Met lekker eten. Met geld. Zaken die je gedachten soms compleet in beslag kunnen nemen. De waan van de dag, maar o zo onontkoombaar. Zoals Anton van Duinkerken dichtte:

 

Maar ik en gij waren niet daarbij,

Ons trokken te vele zaken

Naar aardse gewichtigdoenerij,

Naar wereldse vermaken

Of naar onze zorgen voor drank en spijs.

Kyrië Eleys

 

En dan lees je plotseling de woorden uit de grondwet van het Koninkrijk der hemelen (Mattheüs 6 : 25):

Daarom zeg ik u: weest niet bezorgd voor uw ziel over wat ge moet eten en niet voor uw lichaam over wat ge moet aantrekken; is de ziel niet méér dan het voedsel en het lichaam dan de kledij?-

In Gods Koninkrijk spelen die aardse zaken geen rol. In dat rijk gaat het om God en om God alleen. Om het vervullen van Gods wil. Om het leven voor zijn aanschijn. Het gaat erom dat we ons koesteren in Gods zorg en aandacht. Elke dag zorgt hij voor ons. En aan die zorg mogen we ons in alle ontspanning overgeven.

Beseffen we wel hoezeer God bij ons betrokken is? Hoe dicht hij bij ons wil staan? In psalm 139 zingt David – in een musiceerstuk – daarover:

ENE, gij hébt mij doorgrónd, gíj zijt het díe mij ként. Gij kent mijn zítten, mijn ópstaan, hebt begrépen mijn dénken van vérre.

God kent ons volkomen. Alle blije gedachten. Maar ook al onze zorgen. David schrijft daar met grote blijheid over. De actieve betrokkenheid van God is voor David een bron van grote vreugde.

Jammer genoeg beseffen wij lang niet altijd wat een kracht die altijddurende betrokkenheid van God bij ons is. Wij beseffen lang niet altijd dat God ons draagt. We hebben dat soms niet eens door. We zijn nogal ens blind voor Gods leiding en zorg in ons leven.

Maar met David mogen we uitzien naar het grandioze einde dat God ons zal geven:

Doorgrond mij, God, en kén mijn hárt, tóets mij en kén mijn gedáchten!

Wil zien of ik op een wég van smárt ben, en léid mij op een wég naar de éeuwigheid!

David vraagt “Maak me duidelijk wat er mis is met me. En help me dan verder.” En hij vraagt dat zonder angst aan zijn Vader. God is veilig. Ook als je zelf heel goed weet dat je niet deugt.

Toen The Times een aantal eminente schrijvers vroeg om een essay te schrijven over het thema

“ Wat is er mis met de wereld?” schreef G.K. Chesterton zijn bijdrage in de vorm van een korte brief:

Geachte redactie, Ik. Hoogachtend, G.K. Chesterton.

En hoe blijkt de betrokkenheid van God niet in de bijbelverhalen. Zoals de geschiedenis van de blindgeborene( Joh. 9). Als hij uit de synagoge wordt gegooid, zoekt Jezus ‘m op zodra hij ervan hoort. Zo kent God ieders zorgen en verdriet. Hij maakt die tot zijn eigen zorgen en verdriet. En leeft intenser met ons mee dan wie dan ook op aarde. Durven wij ons overgeven?

-uw hemelse Vader wéét immers dat ge dit alles nodig hebt!-