Preek zondag 22 juli 2018


https://www.youtube.com/watch?v=2Gwq9YhpxmY

Als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur

 

Wie kent het niet? Ook als christenen ‘treden we lang niet altijd op onze hoogten.’ De vrede sijpelt weg uit ons hart. Omdat iets ons niet lukt. Omdat je relatie met God verpietert. Omdat je best weet dat je iets moet dien, maar het lukt je niet. Je vreugde in God is weg. Je dienst aan God verlamt. Je ziet je beperkingen en bent ervan overtuigd: ik stel voor God niks neer voor. Ik bak er niks van.

Wat doe je dan?

We lezen Richteren 6: 1 – 24. Het begin van de geschiedenis van Gideon. Die van zichzelf geen hoge pet ophad.

Het begin van het hoofdstuk geeft een situatieschets. De Midianieten – een rondzwervend woestijnvolk – vielen Israël binnen zodra er wat te halen viel. Ze roofden het koren in de oogsttijd en namen schapen, runderen en ezels mee. Hoogst leep, en zeer verwoestend. Gideon treffen we dan ook aan op een plekje uit het zicht. Hij dorst wat graan in een wijnpers, in de hoop dat de Midianieten hem niet opmerken.

 

Waarom kreeg Midian vrij spel in Israël?  Dat maakt God simpelweg duidelijk: ik heb ik tot u gezegd: ik ben de Ene, uw God; vreest niet de goden van de Amoriet, in wiens land ge nu zetelt!- maar ge hebt niet gehoord naar mijn stem!

 

Israël vergat de uittocht uit Egypte, en dus de God die dat bewerkstelligde. Israël vergat dat ze in het beloofde land waren aangekomen en dat God hen daar had gebracht. Israël was ertoe overgegaan om de afgoden van de oorspronkelijke bewoners van hel beloofde land tot de zijne te maken. Israëls ontrouw en ondankbaarheid aan God maakte dat God zich terugtrok. En dat gaf Midian de kans tot zijn strooptochten.

 

In letterlijke zin zal ons zoiets niet zo simpel overkomen in Nederland/ West Europa. Maar ook hier en nu bij ons bestaat de kans dat onze vrijheid wordt ingeperkt. Door intolerante andersgelovigen misschien. Of door intolerante liberale uitgangspunten. Of ook dat ons geloof simpelweg verzwakt van binnenuit. Zoals bij Gideon: ach mijn heer, als de Ene met ons is, waarom treft ons dan dit alles?- En als God hem een opdracht geeft, riposteert Gideon ach mijn heer, waarmee zal ik Israël redden?- zie, mijn duizendtal is het armste in Manasse en ik ben de geringste in het huis van mijn vader!

 

In goed Nederlands: vraag alstublieft een ander, God. Ik kan het niet en durf het niet. En ik zie mijn mislukking al op de loer liggen. Gaat u liever een deurtje verder.

 

En Gods antwoord? Niks uitleg. Niks herhaling van de opdracht met andere woorden. Niks aanpassing of onderhandeling. Gods antwoord is bijna ironisch te noemen: De Ene wendt zich tot hem en zegt: ga heen in deze kracht van jou, redden zul jij Israël uit de handpalm van Midjan; heb ik je niet gezonden?! God besteedt nog geen seconde aandacht aan Gideons gevoelens en twijfel. Aan Gideons krachteloosheid.

God wil niet dat we ons focussen op onze zwakheden. Of dat we eindeloos de leeuwen en beren die we op de weg zien koesteren. Wij zien makkelijk onze beperkingen. God ziet de mogelijkheden. En wil dat wij die ook gaan zien.

 

Gideon wil iets voor de engel van de Heer, die met hem spreekt, halen. Gideon wil een offer brengen. Door de wijze waarop het offer in één n flits wordt verteerd snapt Gideon dat hij met God zelf te maken had. En hij vreest te sterven (‘niemand kan God zien en leven’). Maar De Ene zegt tot hem: vrede voor jou, vrees niet, je zult niet sterven! Gideon bouwt daar een altaar voor de Ene en roept als naam daarvoor uit ‘de Ene is vrede’,-

 

Gods naam is Jehova Shalom. God is Vrede. Die God is ook onze vrede. Die God heeft ons verlost, opdat wij hem zouden dienen. Joh. 1&: 18: Zoals gij mij de wereld in hebt gezonden, heb ook ík hen de wereld in gezonden;

 

Als onze focus maar gericht is op Jehova Shalom. En niet op onze twijfels en onmogelijkheden.

 

dat nooit meer dooft, een vuur dat nooit meer dooft. 

Dans nos obscurités, Jacques Berthier, Ateliers et Presses de Taizé