Preek zondag 11 februari 2018


Het hart heeft zijn redenen, die de rede niet kent

 

Waarom stierf Jezus aan een kruis? Het christendom heeft van alle tijden geprobeerd op die vraag een theologisch antwoord te geven. Ongelovigen hebben het wel neergezet als “een vader die zijn zoon misbruikt.” Als van oudsher iemand voor straf aan een kruis werd gespijkerd was dat de ultieme schande. Een vernederender manier om iemand ter dood te brengen bestond er niet (Deut. 21: 23): een gehangene is een vervloeking van God;

Voor christenen geldt het kruis als de centrale plaats in het leven. Zonder kruis geen toegang tot en verzoening met God.

Verzoening, wat is dat eigenlijk? 1 Kor. 15: 3, 4 omschrijft het heel kernachtig: verzoening betekent dat Christus is gestorven voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, dat hij is begraven, dat hij ten derden dage is opgewekt, overeenkomstig de Schriften. Verzoening ligt dus vast in de dood en de opstanding uit die dood van Jezus. En dat kwam niet tot stand als een soort “plan B” van God, om te redden wat er nog te redden viel. Die dood en die opstanding was honderden jaren tevoren al aangekondigd in het Oude Testament. Ook in de oude tijd circuleerden er opvattingen als zou de dood van Jezus voortkomen uit een soortement discussie en “akkoordje” tussen God en zijn zoon op het laatste moment. De bijbel laat voor zo een opvatting niet de minste ruimte.

In Handelingen 2: 22, 23 zet Petrus dat klip en klaar uiteen met de woorden: Jezus de Nazoreeër, een man u van Godswege aangewezen …… hem, naar de vastgestelde raad en voorkennis van God (aan u) gegeven. De dood van Jezus op het kruis lag van te voren vast in Gods raadsbesluiten. En die dood was absoluut nodig.

De aanhef van Paulus in het tweede hoofdstuk van de eerste brief aan Korinthe is opmerkelijk. Paulus had een superbe opleiding ontvangen in de retorica. In discussies en bewijsvoering was hij schier onverslaanbaar. En toch zegt deze hooggeleerde Paulus in 1 Kor. 2: 1, 2: ik kwam niet met een hoogstandje van woord of wijsheid u het geheimenis van God verkondigen. Want ik heb het niet juist geoordeeld iets anders te weten in uw midden dan Jezus Christus en zijn sterven aan het kruis.

En waarom was het kruis nu zo absoluut nodig? Romeinen 3: 11 – 19 maakt duidelijk dat er geen is er die begrijpt, geen is er die God zoekt!– En dus is de conclusie in vers 19 dat heel de wereld strafwaardig blijkt voor God. De eerste mens zondigde, en dus werd elke volgende mens in zonde geboren. Maar dat niet alleen, al die mensen zondigden ook daadwerkelijk in hun dagelijkse bestaan. Niemand uitgezonderd. En dus wachtte eenieder de straf, de wraak van God. Aan die wraak ontkomt geen mens. De oplossing voor het probleem dat wij mensen veroorzaakten kon op geen enkele manier bij onszelf vandaan komen. We konden onszelf niet aan de haren uit het moeras trekken.

Geen mens kon voor een mens voldoen, 
geen engel groot in macht; 
Gods Zoon gaf zelf zich als rantsoen, 
Hij heeft het al volbracht. 

In het dagelijks leven gaat het bij verzoening vaak om de vereffening tussen twee gelijken. Degene die in het krijt staat doet boete, en daarop gebaseerd schenkt de ander verzoening.

Maar de verhouding tussen God en mensen is er niet één van gelijkwaardigheid. God is de Heilige en de Rechtvaardige. En die heilige God (Rom. 5: 8): betoont zijn liefde aan ons omdat, toen wij nog zondaars waren, Christus voor ons is gestorven.

Jezus stierf aan een kruis omdat God liefde is. Omdat God alles opofferde, want zijn liefde geldt iedereen, zonder voorwaarde vooraf. Daarom stierf Jezus aan het kruis. De onthutsende grootheid daarvan verwoordt Blaise Pascal in zijn Mémorial (1654) als volgt:

VUUR

God van Abraham, God van Isaäk, God van Jacob, niet van de filosofen en geleerden. Zekerheid, zekerheid, besef, vreugde, vrede. God van Christus. Deum meum et Deum vestrum. Uw God zal mijn God zijn. Vergeten de wereld en alles, behalve God. Men vindt Hem alleen via de wegen die in het evangelie geleerd worden. Grootheid van de menselijke geest. Rechtvaardige Vader, de wereld heeft U niet erkend, maar ik heb U erkend. Vreugde, vreugde, vreugde, tranen van vreugde……..

 

“Le coeur a ses raisons, que la raison ne connait point”

Blaise Pascal, Pensées