Preek zondag 1 oktober 2017


Wanneer ik zoek naar woorden

 

Als een christen één ding nodig heeft, dat is dat toch Gods woord. Van Genesis 1 tot en met Openbaring 22 spreekt God. Jozua heeft het erover (1:13) gedenk het woord dat Mozes, dienaar van de Ene, u heeft geboden. En Johannes (1 Joh. 2: 5) maar wie zijn woord houdt, waarlijk, in hem is de liefde van God volmaakt geworden. En Timotheüs (2 Tim 3: 16) Alle Schriftwoord is van God doorademd.

Vandaag de dag wordt de bijbel nauwelijks nog erkend als “openbaring God.” Een boek van een paar duizend jaar geleden heeft voor de hedendaagse mens op z’n best nog wat zinnebeeldige betekenis. Elk idee dat het waarheid zou openbaren is zo ongeveer achter de horizon verdwenen.

Maar voor ons christenen geldt toch onverkort wat C.S Lewis ooit schreef: “Ik geloof in het christendom zoals ik geloof dat de zon is opgegaan: niet alleen omdat ik de zon zie, maar omdat ik daardoor al het andere zie.” Als christenen moeten we met de mensen in Filadelfia (Op 3: 7 – 13) het woord van mijn volharding bewaren. We mogen dan weinig kracht hebben, we moeten God niet verloochenen en dus Zijn woord bewaren.

 

Hoe kwam Gods woord tot ons? Door heel de bijbel heen spreekt God. In Genesis 1 zegt Hij “Er geschied licht! en dat gebeurt: licht en duisternis worden gescheiden. Iets verder in dat hoofdstuk zegt God: maken wij een mensheid in ons beeld en als onze gelijkenis,- en de mens wordt geschapen.

En als God iets zegt door Zijn profeten, dan keert het (Jes. 55: 11) niet ledig tot mij terug,- dan nadat het gedaan heeft wat mij behaagt. Voor Gods woord geldt (psalm 33: 9) Want hij zei, en het werd, hij gebood en het kwam tot stand.

 

Ook vandaag de dag hoor je nog wel eens zeggen door mensen dat ze Gods stem hebben gehoord. God heeft – ook in de Bijbel – wel meer mensen geroepen en aangesproken. Wel moeten we toetsen of wat op die manier vandaag tot ons komt overeenkomt met de bijbel als openbaring van God. In de bijbel hebben we het Woord van God, opgeschreven door mensen. Het is niet het woord van mensen (zoals Kuitert beweert).

 

De bijbel kent een Oud Testament (OT) en een Nieuw Testament (NT). Die beide delen worden nog wel eens tegen elkaar uitgespeeld. Waarbij het NT dan nogal eens de voorkeur geniet. Dat zou dan een boek voor christenen zijn, en het OT voor Israel. Maar dat is toch echt te kort door de bocht: het NT zelf erkent de grote waarde van het OT (Rom. 15:4) Want al wat tevoren werd geschreven, werd geschreven om ons te onderrichten, en dan moeten wij die waarde beslist ook erkennen.

Een tweede argument luidt dat in het OT Christus niet voorkomt. En dat is voor de serieuze lezer natuurlijk klinkklare onzin. Heel veel personen in het OT verwijzen naar de Heer Jezus: Isaäk, Mozes, Boas, Jozef. En ook in beelden als het Lam dat leed, het scharlaken koord dat redding bracht, de afgekeurde steen die een hoesteen werd, de steenrots die geslagen moest worden zien we voorafspiegelingen van Christus. In het OT lezen we ontroerende passages over het diepste lijden dat er bestaat. Zie het boek Job, of Jesaja 53. Onmiskenbaar wijst dit vooruit naar het lijden dat Christus vrijwillig op zich nam.

Laten wij het OT lezen, met die beelden van en verwijzingen naar Christus in ons achterhoofd. Dan zullen die oude teksten zeker levend en sprankelend voor ons worden.

 

Gods woord is de bijbel. Maar de evangelist Johannes maakt duidelijk dat Gods Zoon Jezus Christus Zelf het Woord is. (Joh. 1: 1) Bij begin (Gen. 1,1) is er het spreken geweest; het spreken is God nabij geweest, ja God is het spreken geweest; Gods Zoon verliet de hemel en aanvaardde op deze aarde een positie van vernedering en lijden. Jezus bleef bij alle tegenstand trouw aan Zijn opdracht. Hij bleef Gods liefde bekend maken. Hij verliet Gods heerlijkheid (Hebr. 5: 8) en hoewel hij de Zoon was, heeft hij gehoorzaamheid geleerd uit de dingen die hij te lijden kreeg,

Als we dit beseffen, hoe belangrijk is Gods Woord dan voor ons? Is het ons dagelijks voedsel? Lezen we het echt? Of meer als het eens een keer goed uit komt?

En hoe goed kennen wij Jezus die het Woord in Persoon is? Zoeken we dagelijks contact met hem? Of moeten we het meer van zeldzame en toevallige ontmoetingen hebben?

 

Als we de geestelijke strijd willen volhouden kunnen we niet zonder Bijbel en zonder Christus. Geen dag.

 

is uw Woord mij genoeg;

A.F. Troost, Zingende gezegend