Preek zondag 12 maart 2017


Het leven is… geen vrede alhier,

geen wapenstilstand vragen:

 

Er zijn christenen dier, als je hen vraagt hoe het met ze gaat, antwoorden dat het hen aan niets ontbreekt. Geestelijk, materieel zowel als qua gezondheid gaat het hen voortreffelijk. En ze citeren teksten als Maleachi 3: 10 en Filippenzen 4: 19 om aan te geven dat God ons overvloedig wil zegenen en dat ook doet.

 

Anderen bekennen dat ze niet steeds zo blij en zorgeloos zijn. Dat ze strijd en moeite ervaren.

 

Strijd is voor een christen niet abnormaal. Galaten 5: 17 zegt het zo: Want wat het vlees verlangt gaat tegen de Geest in, en de Geest gaat tegen het vlees in; want die zijn elkaars tegengestelden, Zo bezien is het dus niet echt vreemd dat er spanning bestaat in ons tussen wat heet “de oude mens” en “de nieuwe mens.”

 

Wat betreft die spanning tussen “de wet van God” die we met het verstand willen volgen en “de wet van de zonde” die we vanuit onze natuur willen volgen (zie Rom. 7: 25b), kunnen we leren van de geschiedenis van Israel zoals beschreven in het Oude Testament.

 

We lezen Exodus 17: 8-10 over de strijd van Israel tegen Amalek (= reus). Amalek is een beeld van wat in het Nieuwe testament met “het vlees” wordt aangeduid.

Jozua moet in opdracht van Mozes soldaten uitkiezen voor het gevecht. Zo een opdracht krijgen christenen ook in Efeze 6 (: 11), waar we “de wapenrusting van God” moeten aantrekken om stand te kunnen houden tegen de listen van de duivel.

 

Mozes zelf ging bidden op de heuvel, samen met Hur (= licht) en Aaron (= de hogepriester). Gedrieën weerspiegelen zij de Heer Jezus, die ook op de berg voor ons bad.

 

In zijn strijd tegen Amalek werd Israel beveiligd door het bloed van het paaslam. Israel schuilde onder het bloed van de allerhoogste God.

 

Maar Amalek heeft sterke wapens; laten we er vier onder de loep nemen:

 

  1. Begeerte 1 Petrus 2: 11: Geliefden, u als ‘bijwoners en vreemdelingen’ roep ik op u te onthouden van de vleselijke verlangens die strijd voeren tegen de ziel;
    We moeten nooit vergeten dat “de oude mens” nog in ons zit. Hoe meer we ons als vreemdelingen en bijwoners (Lev. 25: 23) gedragen, hoe beter het voor ons geestelijk leven is.
  2. Werken van het vlees 6: 19-21 ontucht, zedeloosheid, bandeloosheid, beeldenverering, gifmengerij, vijandschappen, twist, naijver, woede-uitbarstingen, uitingen van zelfzucht, tweedrachten, partijschappen, aanvallen van afgunst, dronkenschappen, orgiën.
    Daartegenover plaatst Paulus (Gal. 6: 22, 23) liefde, vreugde, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, betrouwbaarheid, zachtmoedigheid, zelfbeheersing;
    Het verschil kon niet groter zijn!
  3. Eigen ik Jak 3: 16 want overal waar naijver en twistgierigheid is, daar heersen onrust en allerlei laakbare praktijken; Jakobus stelt daar tegenover de wijsheid van boven, en die is (: 17) kuis, vredelievend, vriendelijk, volgzaam,- vervuld van barmhartigheid en goede vruchten, onpartijdig en ongeveinsd;
  4. Verlangens van ons vlees Efeze 2: ….toen we alles deden wat het vlees en de gedachten wilden. Maar nu zijn wij in Christus Jezus geschapen voor goede werken, die God heeft voorbereid opdat wij daarin zullen wandelen.

 

De Amalekieten hadden sterke wapens tegen Israel. In Deuteronomium 25: 17-19 waarschuwt God sterk tegen die Amalekieten. Laten ook wij in onze geestelijke strijd onze wapens bij God zelf zoeken. Want wij zijn geen ‘vreemdelingen en bijwoners’ meer, nee, wij zijn medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God,

 

het leven is de Kruisbanier

tot in Gods handen dragen!